Waarom ik scooters haat

Scooterbereider
Scooterbereider
Ik moet het hier maar eens kwijt. Ik begin als fietser een bloedhekel te krijgen aan scooters en hun berijders. Het worden er steeds meer en op de fietspaden rijden ze constant de zoom uit je broek. Eigenlijk horen ze op de weg. En eigenlijk horen ze onder hetzelfde regime te vallen als auto’s. Waarom moet je bijvoorbeeld geregeld je auto laten keuren op uitstoot van kwalijke stoffen en scooters niet? Ik las laatst dat de scooter (behalve elektrische natuurlijk) meer fijn stof uitstoot dan een kleine auto. Je kan het eigenlijk niet bedenken dat ze daar geen verantwoording over hoeven af te leggen. En dan praat ik nog maar niet over de uitstoot van decibellen die schijnbaar onbeperkt is.

Een ander probleem is de breedte van een scooter. Met spiegels erbij zijn het klassieke vissersschepen met netten aan de buitenkant die de fietspaden schoonvegen en fietsers in de berm drukken. Terwijl daar in sommige gevallen ook nog eens de ladingen vet uitsteken die menig berijder nog eens op zijn scooter hijst. Scooterrijders bestaan uit drie groepen: jonge broodmagere meisjes, yuppen en monsterachtig sjagerijnig kijkende dikke medeburgers. Voor die laatste groep zou het ook goed zijn eens een echt de fiets te pakken.

Dus aanpakken Melanie, doe eens wat ga eens niet alleen voor hard en vervuilend.

Zo, dat ben ik even kwijt!

Als een molletje in een holletje

Mollengang
Mollengang

Hoe zou dat zijn? Altijd maar onder de grond leven. Bij elke regenbui lekkage in je huis. En áls je eens je kop boven het maaiveld uitsteekt wordt die eraf gereden door een auto of scooter. Je bent niet lelijk. Bezit zelfs een prachtig vachtje. Als je boven de grond had geleefd hadden ze je velletje waarschijnlijk gebruikt om verwufte madammen te kleden die alleen maar aan zichzelf denken. Wij belanden ook soms één keer onder de grond. Maar dan is het licht al gedoofd in onze ogen. Net zo als het molletje. Toch heeft het leven op -1 ook voordelen. Geen huidkanker van de zon. Geen zicht op oorlog en geweld. Geen uitzicht op windmolens. En geen gelul over voetbal moeten aanhoren. Konden we het allemaal maar eens onder de grond in ons holletje kruipen. Met een heerlijk jasje aan. Even van alles weg.