Klasbakken zijn het

20170812_140024_1502652182009‘Hoor je dat niet?’
‘Wat?’
‘Dat geluid in de 4e versnelling.’
Ik buig voorover en luister.
‘Ik hoor niets.’ 
‘Luister!’
Knal @#$%^&*()boink. Daar lig ik. Tegen een paaltje aangereden.
Die paaltjes zet de gemeente vooral neer om de onveiligheid van fietsers te bevorderen.
‘Wat is er? Wat gebeurt er?’
‘Heb je niets?’
‘Nee, valt wel mee.’
Ik krabbel op. Jasje heel. Broek heel.
Knie doet zeer. Mijn ribben ook.
Valt wel mee, niets gebroken dit keer.
Ik trap wat tegen mijn fiets en buig weer wat recht.
‘Gaat alles goed mijnheer?
‘Ja hoor, ik kletste met mijn vrouw.’
We fietsen verder. De dagen daarop voel ik alles nog eens opnieuw.
Het lichaam kraakt.
Ik krijg bewondering voor de wielrenners die bij zwaardere valpartijen weer meteen op de fiets stappen. Klasbakken zijn het.

Advertenties

Waarom ik scooters haat

Scooterbereider
Scooterbereider
Ik moet het hier maar eens kwijt. Ik begin als fietser een bloedhekel te krijgen aan scooters en hun berijders. Het worden er steeds meer en op de fietspaden rijden ze constant de zoom uit je broek. Eigenlijk horen ze op de weg. En eigenlijk horen ze onder hetzelfde regime te vallen als auto’s. Waarom moet je bijvoorbeeld geregeld je auto laten keuren op uitstoot van kwalijke stoffen en scooters niet? Ik las laatst dat de scooter (behalve elektrische natuurlijk) meer fijn stof uitstoot dan een kleine auto. Je kan het eigenlijk niet bedenken dat ze daar geen verantwoording over hoeven af te leggen. En dan praat ik nog maar niet over de uitstoot van decibellen die schijnbaar onbeperkt is.

Een ander probleem is de breedte van een scooter. Met spiegels erbij zijn het klassieke vissersschepen met netten aan de buitenkant die de fietspaden schoonvegen en fietsers in de berm drukken. Terwijl daar in sommige gevallen ook nog eens de ladingen vet uitsteken die menig berijder nog eens op zijn scooter hijst. Scooterrijders bestaan uit drie groepen: jonge broodmagere meisjes, yuppen en monsterachtig sjagerijnig kijkende dikke medeburgers. Voor die laatste groep zou het ook goed zijn eens een echt de fiets te pakken.

Dus aanpakken Melanie, doe eens wat ga eens niet alleen voor hard en vervuilend.

Zo, dat ben ik even kwijt!

Een lekker zonnetje

Prachtig weertje. Een blauwe lucht en een lekker zonnetje. We fietsen. Bij een voorrangsoversteekplaats komen twee kleine kinderen voor ons bijna onder een auto waarvan de bestuurder eigenlijk niet zat op te letten of van plan was op te letten. Mijn vrouw, zelf moeder van twee kinderen, kijkt boos en steekt haar vinger op.

Ik zeg niets. We rijden door. Aan de scheurende banden achter me hoor ik dat de man in kwestie zich heeft bedacht en de achtervolging op ons heeft ingezet. Ik schrik en ben bang. ‘C pas op! Hij komt achter ons aan!’ De man rijdt naast ons en draait zijn raampje omlaag. Hij begint zijn scheldkanonnade. Zijn ogen spugen vuur, zijn mond speeksel en zijn vrouw en kind zitten stil in de auto te kijken. Ik heb het allemaal niet verstaan maar het had te maken met kanker, hoeren en de vinger in de kut van C moeders steken. Leuk, C broer stierf aan kanker en C moeder is ook al overleden. Droeve gebeurtenissen in ons leven. Ik maan C tot stilte: ‘Kom niet reageren, doorrijden, voor je het weet heb je een mes in je rug!’ Snel slaan we een hoek om en fietsen in een andere richting weg. Mijn hart bonst nog na. Ik blijf nog lang angstig speuren naar de grijze stationcar met zijn ongeschoren briesende bestuurder. Gezellig, een fietstochtje op een zonnige zondag.