Ons randje van beschaving

Cabo da Roca
Cabo da Roca

Zelfs hier. Ik ben hier op het meest westelijke puntje van Europa: Cabo da Roca in Portugal. Hier begint de Atlantische Oceaan. Ik sta 140 meter boven de oceaan, een prachtige plek. De rand is bezaaid met plastic zooi. Prullenbakken puilen uit. We gooien het in het groen en de wind schuift het wel in de oceaan. Vanuit daar gaat het op weg naar zijn verzamelplaats. Ons “beschavingshoogtepunt” en het grootste bouwproject wat de mensen konden realiseren; de plastic eilanden midden in de oceanen.
We blijven maar troep maken. Zelfs de ruimte is bezaaid met ruimteafval in de vorm van oude raketdelen, satellieten en wat nog al niet meer voortkomt uit onze onzinnige ruimte avonturen.

We zien het hier voorlopig voor het laatst. Cabo da Roca is ons randje van de beschaving.

Rommel
Rommel

Een lekker zonnetje

Prachtig weertje. Een blauwe lucht en een lekker zonnetje. We fietsen. Bij een voorrangsoversteekplaats komen twee kleine kinderen voor ons bijna onder een auto waarvan de bestuurder eigenlijk niet zat op te letten of van plan was op te letten. Mijn vrouw, zelf moeder van twee kinderen, kijkt boos en steekt haar vinger op.

Ik zeg niets. We rijden door. Aan de scheurende banden achter me hoor ik dat de man in kwestie zich heeft bedacht en de achtervolging op ons heeft ingezet. Ik schrik en ben bang. ‘C pas op! Hij komt achter ons aan!’ De man rijdt naast ons en draait zijn raampje omlaag. Hij begint zijn scheldkanonnade. Zijn ogen spugen vuur, zijn mond speeksel en zijn vrouw en kind zitten stil in de auto te kijken. Ik heb het allemaal niet verstaan maar het had te maken met kanker, hoeren en de vinger in de kut van C moeders steken. Leuk, C broer stierf aan kanker en C moeder is ook al overleden. Droeve gebeurtenissen in ons leven. Ik maan C tot stilte: ‘Kom niet reageren, doorrijden, voor je het weet heb je een mes in je rug!’ Snel slaan we een hoek om en fietsen in een andere richting weg. Mijn hart bonst nog na. Ik blijf nog lang angstig speuren naar de grijze stationcar met zijn ongeschoren briesende bestuurder. Gezellig, een fietstochtje op een zonnige zondag.

Een dubbele gevangenis

Soms kan ik iets niet begrijpen. Waarschijnlijk heeft een ieder wel wat opgevangen over de Belgische gevangene Frank van den B. Deze lustmoordenaar voert al jaren strijd om dood te willen. Hij erkent dat hij een gevaar is voor de samenleving en wil ook niet vrij. Het enige dat hij wil is psychisch behandeld worden. In België doen ze daar niet aan. Zo is de gevangenis een dubbele straf. Een fysieke én geestelijke opsluiting.

De man wil dood maar niemand wil het doen en hij mag niet dood. Voert rechtszaken en wint ze. Maar de arts wil geen euthanasie uitvoeren.De Belgische minister begint eindelijk te begrijpen hoe barbaars zijn gevangenisregiem is.  Mogelijk dat hij naar Nederland wordt overgeplaatst waar behandeling wel mogelijk is. Ik ben trots op mijn land dat we tenminste nog enige vorm van beschaving hebben. Alhoewel ik besef dat een groot deel van de bevolking het niets kan schelen. Maar gelukkig hebben die het nog niet voor het zeggen. Als Belg zou ik me doodschamen.